Participerende samenleving

Ik zit in de bus voor mijn werk, ik reis van Enschede-noord naar -zuid. Tegenover me zit een dertiger, trendy kapsel dat over zijn ogen valt. Hij is druk bezig met zijn witte iPhone 5. Zijn leren schoenen hebben een hippe kleur groen. U kent hem wel: type Jort Kelder, succesvol en goed opgeleid.

Hoe heurt het eigenlijk?

Ik lees tijdens de rit in een blad, met moeite hou ik mijn aandacht erbij. Buiten is het namelijk prachtig zonnig op deze nagenoeg windstille herfstdag. Je weet wel, zo’n dag met perfect fotolicht. De warme, wondermooie gloed zorgt ervoor dat alle contouren van de wijk Roombeek haarscherp aftekenen tegen de strakblauwe lucht.
De bus stopt, middenin een volkswijk. Een vrouw van middelbare leeftijd, goedgeluimd en opgewekt bourgondisch type stapt in. Ze is gekleed in een beige jas en een bruine tweedbroek. Haar persoonlijkheid vult de bus, ik observeer haar entree en zie dat ze alle passagiers in zich opneemt.
Met een vrolijk en luid uitgesproken “Goedemorgen!” gaat ze aan de overkant van het gangpad bij het raam zitten. Ik groet haar terug, net als de vrouw naast wie ze een plekje heeft gevonden. Onze dertiger met trendy kapsel kijkt niet eens op. Over ‘Hoe heurt het eigenlijk?’ gesproken. Intussen lees ik verder. Het artikel gaat over een onderzoek naar normen en waarden. De conclusie is dat mensen – hoger opgeleiden in het bijzonder – die hoger op de sociale ladder staan weliswaar weten hoe het hoort maar veel minder voorkomend zijn. En wat een toeval, ik krijg een praktijkvoorbeeld onder ogen.

De natuur kent geen crisis

De vrouw kijkt, met een bescheiden glimlach op haar gezicht, naar voorbij flitsende straten. “Ach, ik verheug me toch zo op die prachtige herfsttinten van de bomen!,” zegt ze opeens tegen niemand in het bijzonder. “Oh ja, die zijn ook zo mooi,” beaamt haar buurvrouw uit beleefdheid. “Het is toch ieder jaar weer een schitterend bont spektakel, niet? En dat krijgen we helemaal gratis en voor niets. De natuur kent geen crisis,” eindigt ze haar betoog.
In stilte geef ik haar groot gelijk. Zo had ik het nog niet bekeken. Ik denk dat ze wel eens kon gaan uitstappen in de wijk waar ik naar op weg ben. Ze lijkt me een goede, eerlijke en gastvrije vrouw die volop van het leven wil genieten. Ik geef haar een steelse blik. Ze kijkt aandachtig naar buiten met een serene uitdrukking op haar gezicht. Ik zie maar weinig rimpels. De tijd is mild voor haar geweest.

Noaberschap

“Ik moet naar Het Stroink,” zegt ze, als de bus nog zo’n vijf minuten van de bestemming verwijderd is. “Ik ga er vrijwilligerswerk doen.” De dertiger doet vervolgens een aanname, zonder blikken of blozen zegt hij: “daar zal je dan ook wel de tijd voor hebben.” De vrouw merkt op dat ze ook nog 28 uur per week werkt en dagelijks haar buurvrouw verzorgt. Ze kijkt de dertiger verstard aan, hangt haar handtas over haar arm en staat op.
Haar hele voorkomen ademt vriendelijke betrokkenheid, maar ze was even uit het lood geslagen. Dit verdient ze niet. Kennelijk is zij iemand die ‘Noaberschap’ een vanzelfsprekendheid vindt! Heerlijk, zo’n positieve en hulpvaardige instelling. De bus remt af en stopt in Stroinkslanden. De dame zegt iedereen wederom vriendelijk gedag en stapt uit. Als we weer langzaam bij de bushalte wegrijden, tuur ik naar de bushalte om te zien waar ze is gebleven. Dan zie ik haar ineens lopen, fier rechtop. Ze heeft een langzame maar zekere tred.
Daar gaat ze.
De participerende samenleving.

Reageren?

Mail de auteur: evdbeld@de-woonplaats.nl in levende lijve. Of plaats een reactie hieronder!
Door: Evert van den Beld, Exploitatie, activering en beheermanager De Woonplaats.

Gerelateerd nieuws

Realisatie door Internetbureau Creative ICT