‘Letter of Intent’ ter verbetering van de bereikbaarheid

MONT-netwerk en EUREGIO geven een duidelijk signaal af en ondertekenen ‚Letter of Intent’. Het MONT-netwerk, dat bestaat uit de steden en gemeenten Münster, Osnabrück, netwerkstad Twente (Enschede, Hengelo, Almelo, Borne en Oldenzaal) en EUREGIO zetten zich samen in om de bereikbaarheid van het EUREGIO-gebied en de grote steden binnen dit gebied te verbeteren. Zij bezegelen hun voornemen met een ‘Letter of Intent’.

In november zijn de bestuurders van de steden Almelo, Enschede, Hengelo, Münster, Osnabrück en de directeur van EUREGIO bij elkaar gekomen en hebben een verklaring ondertekend om zich samen in te zetten voor de verbetering van de internationale en regionale bereikbaarheid van de grensregio.

Het EUREGIO-gebied ligt op de as van de Europese metropolen Randstad-Bremen/Hamburg-Rijn/Ruhrgebied en Hannover/Berlijn. Hier wonen 3,4 miljoen mensen. In minder dan twee uur reizen zijn meer dan 20 miljoen mensen bereikbaar, aangezien de regio op het kruispunt ligt van de Europese hubs en belangrijke trans-Europese corridors. Hoewel de regio in het centrum van enkele belangrijke verkeersnetwerken ligt, laat de bereikbaarheid voor wat betreft de belangrijkste vervoersmodaliteiten nog te wensen over. De huidige kwaliteit en capaciteit van het vervoer over de weg en het spoor, maar ook over het water en door de lucht, beperken de sociaaleconomische groei van de Euregio.

In verschillende gezamenlijke resoluties hebben de MONT-steden en EUREGIO zich uitgesproken voor een verbetering van de infrastructuur voor wat betreft wegen, spoorwegen en waterwegen. Tevens hebben zij zich uitgesproken voor het Duitse federale plan voor de verkeerswegen. Concreet willen zij zich onder anderen inzetten voor de uitbreiding van de wegverbinding Zwolle-Münster. Die zal moeten leiden tot een kwalitatief hoogstaande en grensoverschrijdende snelweg. Eén van de knelpunten met hoge prioriteit is verbetering van de doorstroming op knooppunt Azelo-Buren.

Voor wat betreft het spoorvervoer zet het MONT-netwerk zich al jaren in voor de uitbreiding van de West-Oost-As (Amsterdam-Berlijn). Daarnaast is de focus gericht op de internationale en grensoverschrijdende treinverbinding tussen de steden Münster-Hengelo-Zwolle, waarbij elektrificatie, inzet van treinstellen met een hogere capaciteit en een verdere concentratie van treinaanbod tot de concrete maatregelen behoren. Onno van Veldhuizen, die namens de MONT-steden de ‘Letter of Intent’ ondertekend heeft, ziet potentie in de Münster-Hengelo-Zwolle corridor voor wat betreft economische groei. Hiervoor is een duidelijke kwalitatieve en kwantitatieve verbetering van de wegen en spoorwegen nodig.

Voor Rob Welten, voorzitter van EUREGIO is bereikbaarheid een belangrijk onderwerp. Daarom dient dit thema in een onderzoek van INTERREG over vervoer door de lucht onderzocht te worden, waaraan zowel de regio als de MONT-steden deelnemen. Hierbij dient ook de aansluiting bekeken te worden van de luchthaven Münster-Osnabrück vanuit en naar Nederland. Voor Markus Lewe, burgemeester van Münster is de verbetering en uitbreiding van internationale bereikbaarheid en die tussen de regio’s van alle vervoersmodaliteiten een prioriteit voor de toekomst. Tevens is het absoluut noodzakelijk als voorwaarde voor een verdere valorisatie van de centrale ligging in de Europese vervoers- en economische ruimte.

Naast de infrastructurele uitbreiding moet tevens de uitbreiding van het handelsverkeer onder de loep te worden genomen, waarbij een uitwisseling van innovatieve city-logistieke concepten geïntensiveerd moet worden. Op dit vlak ziet burgemeester Wolfgang Griesert van Osnabrück de noodzaak tot handelen en zegt hierop het volgende: ‘ons gebied wordt belast door de toenemende verkeersdrukte. Dit nadeel kunnen we echter ombuigen naar een voordeel, aangezien veel transportbedrijven de voorkeur geven aan een route door onze deelstaat. Hierdoor kunnen we gebruik te maken van nieuwe technologieën in de transportindustrie om op milieuvlak punten te scoren’.

En ‘last but not least’ kunnen in de toekomst ook innovatieve vervoersconcepten niet ontbreken. Hiervoor zullen de universiteiten van Twente, Münster en Osnabrück aan boord gehaald moeten worden, zodat ook nieuwe en innovatieve mobiliteitsvormen onderzocht worden, die oplossingen kunnen bieden voor de verkeers- en vervoerstromen en verkeersafwikkeling.

Al met al een ambitieus programma, dat de aankomende jaren door lobbyen en door werken met projecten gezamenlijk gerealiseerd zal moeten worden.

 

Gerelateerd nieuws

Realisatie door Internetbureau Creative ICT